8 april 2018 - Thomas

Op het moment dat ik me inschreef voor de marathon van Rotterdam wist ik dat ik hem zonder Nina zou lopen. Nina werd eind september geopereerd aan een botvergroeiing aan beide hielen en zou in april nog niet voldoende hebben kunnen lopen om goed door een marathon te komen. Ik zou dus weer eens voor eigen succes gaan waar ik er de afgelopen jaren vaak voor heb gekozen om Nina te hazen. Ook dan moet ik aan de bak omdat dat altijd wel betekent dat er onder de 3 uur gelopen moet worden, maar dat is toch een andere mindset dan trainen om zo hard mogelijk te gaan over 42,2 km.

Om mijn marathon training, die meestal in januari begint, een kickstart te geven, ben ik beginnende met de Wolfskamerloop in Huizen meerdere 10 km wedstrijdjes gaan lopen om te werken aan mijn snelheid. Dat heeft gewerkt want tijdens de Wolfskamerloop liep ik nog 36:48 over de 10 km en tijdens de koude polderloop in Nijkerk 36:02. In december kwam de test tijdens de halve marathon van Dronten, alleen kwam die extra snelheid er nog niet direct uit: 1:19:52 (in 2016 was dit nog 1:19:50).

Ik volg globaal meestal een marathon schema van ongeveer 14 weken en dit jaar begon deze dus op 1 januari. Het schema is in principe opgebouwd uit 3 trainingen per week zoals eerder beschreven in mijn blog over de marathon van Rotterdam 2014. Ik heb al vaker de ambitie gehad om voor een snelle marathon te gaan, maar dan kreeg ik nooit de balans goed tussen werk, trainen voor de marathon en fietsfitheid opbouwen voor de hele triathlon die steevast gepland stond begin juli. Ook dit jaar staat Challenge Roth weer op het programma en dat is zoals elk jaar weer de prio 1 wedstrijd van het jaar. Als puntje bij paaltje komt, betekent dit toch dat ik eerder een looptraining opoffer voor een fietstraining dan andersom. Ook dit jaar was het niet anders. Het komt er dan op neer dan ik 2 a 3 keer per week loop, maar wel zorg dat ik mijn pittige duurloop in het weekend kwalitatief uitvoer. Het aantal gelopen km’s per week komt bij mij dan ook sporadisch boven de 50 km uit (week 14 is incl. de marathon).

 
In week 3 was ik een beetje ziekjes en in week 4 stond een weekje langlaufen op het programma met het Noords Festival van Vasa Sport. Dus ondanks dat ik niet heb gelopen in die week, heb ik wel 15 uur in totaal aan mijn corestability gewerkt ;-)

Die 2 weken van weinig lopen hadden helaas wel tot gevolg dat de Asselronde 25 km op 4 februari uitliep op een teleurstelling omdat ik vanaf 15 km het tempo van 3:50 per km niet meer kon houden en flink weggezakt ben. De Asselronde was daarmee wel een mooie wake-up call dat ik nog even goed aan de bak moest om toch nog wat leuks neer te zetten in Rotterdam. De trainingsuren gaan bij mij dan niet omhoog, maar ik probeer weer de juiste kwaliteit met name mijn looptrainingen te stoppen. Dat is redelijk gelukt en met vertrouwen op een mooie sub 2:50 stond ik afgelopen zondag aan de start.

Raceday
Om 5:30 ging de wekker en om 6:30 stapten we in de auto in de richting van Huizen om daar bij Hans van Solt in zijn Tesla taxi te stappen op weg naar Rotterdam. Onderweg ook nog even Mark de Boer opgepikt en in luxe naar Rotterdam gereden. Hans had via zijn werk VIP kaarten kunnen regelen voor ons vieren wat betekende dat we in parkeergarage Meent konden parkeren en na afloop in het stadhuis (ligt ter hoogte van de finish aan de Coolsingel) konden vertoeven onder het genot van een hapje en een drankje met uitzicht op euforische mensen die aan het finishen waren. Wat een genot!

Ik stond in startvak C gezien mijn verwachte eindtijd van onder de 3 uur. Na de start om 10:00 wilde ik zo snel mogelijk een tempo oppakken van rond de 4:00 per km, maar de eerste km was hier nog geen sprake van. Het is nog erg smal op de Erasmusbrug (nieuwe startlocatie dit jaar aan de voet van de brug) en inhalen zonder risico van struikelen is er nog niet bij hier. Pas aan de andere kant van de brug kan ik mijn beoogde tempo oppakken. De eerste km gaat in 4:11, de tweede in 3:49, dus netto zit ik weer op schema. Bij 2,5 km zit Nina in de middenberm te fotograferen en kan ik mijn duimpie opsteken omdat alles nog goed gaat.


Het tempo ligt gemiddeld rond de 4:00 per km, soms er wat secondes onder, maar ook te vaak er wat boven. Ik probeer zoveel mogelijk in de luwte te lopen, maar als ik dan weer een km te veel boven de 4:00 zie, ga ik het groepje weer voorbij en pak mijn oude tempo weer op. Gemiddeld komt het er op neer dat ik iets toe geef op een 4:00 per km schema en op 15 km kom ik door in 1:00:13 (zie Nina weer aan de kant fotograferen) en halverwege in 1:24:57. Ik moet deze marathon wel heel vlak lopen wil ik onder de 2:50 eindtijd blijven. Ik hoef gelukkig nog niet echt te forceren om tempo te blijven lopen en probeer relatief ontspannen te blijven lopen. Op 30 km kom ik door in 2:01:06. Daarmee koers ik helaas al op een tijd boven de 2:50 en ik hou rekening met nog wat meer verval. Mijn PR is 2:48:34 tijdens Rotterdam 2014, maar mijn tweede marathontijd ooit gelopen is 2:51:59 tijdens Amsterdam 2010, dus ik kan nog onder die tijd duiken als ik steady door blijf lopen. Dat wordt mijn focus voor de komende 12 km.

Rond 34 km zie ik triathleet Carlo van den Berg langs de kant staan die mij toeschreeuwt “Kom op hè Thomas, het is maar een marathonnetje jongen, GAAN!!!”. Heerlijk om zo aangemoedigd te worden! Ik nog steeds goed door blijven lopen en alhoewel het vanaf 38 km wel erg zwaar wordt, blijven de km tijden rond de 4:10. Met nog 1 km te gaan, heb ik nog ongeveer 4:20 om onder de 2:52 te blijven. Zo goed als het gaat pak ik nog weer wat tempo op en om 2:51:39 kom ik over de meet. Een paar meter voor de finish zie ik Nina staan te fotograferen en kan ik nog even een teken van herkenning geven.

YES!!! Erg tevreden dat ik tempo heb kunnen blijven houden tot het einde. In eerdere pogingen voor een sub 2:50 liet ik hem wel eens lopen na 30 km als het zwaar werd en kwam ik ergens rond 2:56 of 2:57 binnen, maar deze keer wilde ik de maximaal haalbare tijd. Dat was vandaag 2:51:39.

Content strompel ik wat door het finish gebied en maak nog een praatje met Dick Wobbes. Dick en ik hebben grotendeels samen gelopen tijdens de halve marathon van Dronten waar ik op het eind net wat betere benen had. Tijdens de Asselronde moest ik bij Dick lossen bij het 15 km punt en deze keer kon ik hem gelukkig een minuutje achter me houden. Desalniettemin was hij ook super tevreden (en terecht!) met zijn eerste finish onder de 3 uur. Even later nog bijkletsen met Dennis de Knijff die een topmarathon liep maar op meer had gehoopt. Na wat bananen en een ISO drankje en een flinke wandeling kom ik aan bij het stadhuis. Ik kan met mijn VIP bandje zo doorlopen en even later kan ik lekker bijkletsen met Nina die ook een topdag heeft.


Het duurt even voordat Mark en Hans binnen zijn, maar dan begint het nagenieten pas echt. Dat vind ik toch elke keer weer het leukste van zo’n dag: lekker nakletsen met atleten die hetzelfde parcours hebben afgelegd, maar allemaal hun eigen verhaal hebben. De VIP area was voornamelijk ingericht voor toeschouwers van de marathon en met de hapjes waren ze al bij de toetjes aanbeland, maar Hans weet toch nog te regelen dat de keuken speciaal voor ons nog eens wat eten bereid. Super geregeld!


Na deze opsteker begint het toch te kriebelen om een keer alleen maar naar een marathon toe te trainen zonder hele triathlon die de voorbereiding grotendeels bepaalt. Wie weet volgend jaar. Voor dit jaar staat er in ieder geval nog heel wat triathlon-moois in de planning.

Groeten,
Thomas